Blog and Inspiration 2 Write

Categorie: (B)right 2 Write (Pagina 1 van 12)

Waar woorden woonden. Proloog van mijn verhalen. Over schrijven buiten de lijntjes.

De klas ruikt naar potloodslijpsel, papier en natte jassen die nog een beetje buitenlucht meebrengen. Stoelen schuiven schuchter over de vloer. Iemand laat een potlood vallen. De radiator ruist rustig, alsof hij een geheim bewaart. Door het raam valt een streep licht naar binnen en glijdt over de houten lessenaars. En daar zit ik. Mijn voeten bengelen onder de bank. Ze tikken tegen de metalen stang. Tik. Tik. Tik. – een kleine, koppige cadans die ik zelf nauwelijks merk.

Voor mij ligt mijn lijntjesschrift. Wanneer ik het opensla, ritselt de bladzijde zacht. Het papier is een beetje ruw onder mijn vingers. De blauwe lijnen lopen er geduldig overheen, netjes en braaf. Links staat de rode kantlijn. Een rechte, rustige regel die lijkt te zeggen: hier begint het. Ik laat mijn vingertoppen er even over glijden.

Dan pak ik mijn pen. Het is geen dunne pen, maar een dikke, stevige balpen. Hij vult mijn hand alsof hij precies voor mij gemaakt is. Wanneer ik hem vastklik, hoor ik een klein, vastberaden tikje. De punt raakt het papier. Een blauwe stip verschijnt. Ik druk iets te hard en de inkt wordt dikker dan ik had bedoeld. Ik glimlach een beetje. De eerste letter kronkelt over de lijn. Mijn tong steekt een klein stukje tussen mijn lippen terwijl ik schrijf. Schrrr… Schrrr… Schrrr… De balpen schuift over het papier en laat een spoor van blauwe woorden achter. Maar in mijn hoofd gebeurt iets anders. Gedachten beginnen te rollen – niet netjes achter elkaar – ze tuimelen en tollen. Ik denk aan een hondje uit de straat, aan een boom waar ik ooit in klom, aan een middag met modder op mijn knieën. Alles wil tegelijk in mijn opstel.

Ik stop even. Mijn pen rust tegen mijn kin. Ik kijk omhoog naar het plafond, naar een vlekje dat een beetje op een wolk lijkt. Daarboven zweeft mijn verhaal. Ik voel bijna hoe de volgende zin al klaarstaat. Dan schrijf ik weer. Mijn letters zijn nog een beetje wiebelig. Sommige zijn groot en gul, andere klein en voorzichtig. De blauwe inkt glanst heel even voordat hij in het papier zakt. Mijn hand beweegt langzaam maar zeker. Pols, vingers, penpunt. Soms veegt mijn mouw zacht over het blad.

Rondom mij gaat de klas gewoon door. Een stoel piept. Iemand fluistert. De juf loopt zacht tussen de banken. Maar voor mij wordt alles stiller. Alsof er een glazen stolp over mijn lessenaar staat. In die stolp zitten alleen mijn schrift, mijn dikke balpen en ik. De regels vullen zich langzaam met woorden; woorden die wandelen, zinnen die kronkelen.

Terwijl ik schrijf, ontdek ik iets wat ik nog niet kan uitleggen: dat mijn hoofd vol verhalen zit en dat die verhalen, via een beetje blauwe inkt en een stevig vastgehouden pen, gewoon naar buiten kunnen stromen. ✨

Epiloog:

Als mijn verhaal klaar is, zet ik onderaan twee kleine woorden: Wordt vervolgd. Ik weet nog niet dat ik die woorden nog vaak zal schrijven. in schriften, op losse vellen, later op schermen. Verhalen zullen zich blijven aandienen, koppig en kleurrijk, alsof ze altijd al op mij hebben gewacht. Ergens, tussen de blauwe lijnen en de rode kantlijn van dit eerste opstel, begint het al zacht te groeien, een gewoonte, een honger, een heimelijke toekomst van woorden.

Wordt vervolgd. Steeds opnieuw.

“Een pen is klein, maar de werelden die hij opent zijn groot.”

Dromen. Schrijven. Bij en blij blijven.

Schrijfmagie

Schrijven – als grote kleuter lijkt dat magie. Meereizen in de wereld van de verhaaltjes die je mama vertelt voor het slapen gaan lijkt een boeiende ontdekkingstocht die je maar al te graag zou doen – onbevangen, vol enthousiasme en let een grote koffer aan leergierigheid. Jaaaa, dan kan je eindelijk zelf gaan lezen en zo veel boekjes verslinden als je zelf wil totdat je gulzige brein zich – voor even – helemaal voldaan voelt. De eerste stappen gaan aarzelend, maar als je eenmaal die 26 lettertjes hebt getemd om voor jou hun kunstjes te tonen om woorden te toveren in een slinger van een zin met betekenis, ben je niet meer te stoppen. Je leert lezen, maar wordt ook zelf gids in letterland, waarbij je de hoofdrolspelers dirigeert richting zinderende zinnen met de zingeving die in jouw hersenspinsels kronkelt.

Voor mij opende zich een nieuwe wereld. Opstellen schrijven was één van mijn favoriete vakken – een soort schoonheidswedstrijd voor taalelementen, waarbij heel wat adjectieven zichzelf met sier op de rode loper van het schrijfparcours mochten zwieren? Het is een passie die zich als een rode draad doorheen mijn leven heeft gesponnen. De juiste woorden kunnen een wereld van verschil maken. Ik ben blij dat ik deze kennis meekreeg en als een ware schat kan koesteren en laten schitteren.

Ik heb wel met bedroefde ogen gezien hoe mijn juwelen de afgelopen jaren snel en fel in waarde zijn gekelderd alsof er een literaire beurscrash was. Pen en papier zijn nog net niet naar een museum verbannen. De moderne media van het genre smartphone denken dat ze slim genoeg zijn om de communicatiewereld te regeren. Snelheid is de richtlijn om mee te kunnen waardoor de 26 prachtige letters niet voluit mogen schitteren en verkracht worden tot afkortingen of voor dood worden achter gelaten en worden vervangen door symbolen.

Mijn ode aan het woord:

wees gezien en gehoord

en schrijf zoals het hoort.

Gelukkig zijn er nog sprookjes en schone schrijfsters die lang en gelukkig leven…

Ochtendged8en.

Good morning… Heist-op-den-Berg.

Goedemorgen morgen… zonder zorgen. Ik ben graag vroeg uit de veren. Vaak hoor ik een haan kraaien om het stereotype plaatje te bevestigen. Er wonen er heel wat in de buurt. Nog niet zo lang geleden woonde ik in Leuven centrum; in de Ravenstraat, maar vroege vogels waren daar eerder witte raven. De uitgaande studenten waren nachtraven. Het lawaai beschouwde ik als iets wat bij de bele(u)venissen van een stad hoorde. Het voordeel was dat er ’s ochtends vaak stilte was.

Als moederkloek wist ik dat mijn kuikens ook het liefst zo lang mogelijk in hun nest bleven, dus ik kon zorgeloos rondscharrelen als huismus vooraleer een vliegende start te nemen als professionele hoogvlieger.

Ondertussen is niet alleen de plaats van het kippenhok met mezelf als hennetje de voorste veranderd, maar zijn ook mijn kuikens gedeeltelijk uitgevlogen voor hun studies. Door de week kraait er voor mij als weduwe en zelfstandige, dus geen haan meer naar mijn vroege ochtendrituelen. Ik ben een vrije vogel geworden die kan uitvliegen zonder zorgen en zonder te zorgen, op basis van mijn agenda van die dag. 

Moederkloek gesust. Rust. Uitgerust. Maar nog lang niet uitgeblust. Ik wil die speelvogel zijn die kan spellen – vermakelijk; en die wijze uil die zich kan bewijzen; zakelijk. In mijn hoofd begin ik al vroeg plannen uit te broeden voor die dag. Straks wil ik uitvliegen als een ekster; op zoek naar glimmende schatten; creatieve woordenschatten die de ogen van klanten doen schitteren van plezier. Ik droom nog steeds om het ei van Columbus te ontdekken; iets nieuws op onontgonnen terrein.

Nog even mij nest opruimen. Een eitje als ontbijt zal ik toch maar niet eten om zeker niet de kluts kwijt te geraken, maar wat fruitsap als vitamine C voor Creativiteit, lijken mij prima dopamine voor mij D-Day met letterpret van A tot Z.

Cat Stevens mag mij als vreemde vogel uitwuiven met zijn lied: “Morning has broken. Like the first morning. Blackbird has spoken. Like the first bird.” Hello world, this is me – changing the word to change the world! Ik wil een pluim verdienen vandaag.

Leren door observeren

Ik ging even op wereldreis… op zoek naar de wereldjes achter de gordijnen. Zijn ze eilandjes van geluk of ondoorgrondbare poelen van verdriet? Ik kan er naar toe reizen met mijn fantasie als raket. Langs Mars kom ik zeker in die ruisende ruime ruimte, want ik kwam langs de Marsstraat en ik zal maar bedenken dat ik zelf wat in mijn mars heb…

Hoe dan ook, genoeg vervoer en rumoer om in vervoering te geraken. Auto’s razen voorbij; razend op de tijd. Zoem zoef. De tram ratelt op haar rails – krik krak kraak; op haar manier raak. Haar passagiers staren niet naar mij – ongeraakt, ongenaakbaar. Een motorfiets bracht gebrom.

Het liefst wil ik even kleiner worden en gedragen zoals die baby in die zak; zorgeloos en zelf zonder rugzak.

Ik kan velerlei verder op deze Lei, maar ga niet mee. Ik sta stil in dit wereldje. Ik ben er “met zorg gebracht,” zoals op de auto van De Post staat.

Ik ben buiten, kan niet binnen kijken, maar neem mijn binnenste naar buiten. Ik schrijf en blijf zo even bij. Mijn schrijfwereld neemt alles op. Is dat niet sterker gedrukt dan de resultaten van die tattoo-shop om de hoek? Kan dat niet meer tot de verbeelding spreken dan die stripwinkel?

Ik laat het op mij inwerken; rustig, al dan niet in de wachtzaal van die arts. Ik denk. Ik fantaseer en leer. Als nieuwbakken filosoof ontwaakt mijn dito civiele geloof. Wat er schuilt achter die gordijnen is eigenlijk beter in mijn fantasie als in het echt. Laat mij maar rookgordijnen optrekken. Ja jammer voor dat reclamebord hier voor de anti-rook-campagne: “klaar met mijn laatste sigaret.” Ik rook niet, maar toch wil ik even stoken. Ik steek nog een vuurtje aan en ga in vuur en vlam staan om observaties te schrijven voor mijn ontdekkingsreisjes, in mijn Fantasialand. Mag ik je aansteken?

101 stappen. 1001 indrukken. Enkelvoudige stappen in eenvoud voor zoveel meervoud.

1001, 101, 3 – 2 – 1. Go, go go. My flow. My way.

Ik leid. Ben jij verleid?

Zeg, ga je mee op weg? Gaan we verder, ver, verst? In verzen en verzinsels?

Wordt vervolgd. Voor volgers.

« Oudere berichten

© 2026 (B)right 2 Write

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑